expositie

2010_frontpage_opgepot

OPGEPOT
De passie van een verzamelaar voor volkskeramiek

 
Herman en Frouke Nijhoff uit Eefde, nabij Zutphen, verzamelden bijna hun hele leven volkskeramiek. Niet het fraai beschilderde porselein van de gegoede burgers, maar juist het boerse, soms knoestige, soms ook van eenvoudige schoonheid getuigende volkskeramiek had hun hart. Deze verzameling -die vijfhonderd stuks groot werd en uit heel Europa komt- is  van 16 juli tot en met 12 september 2010 in het Stedelijk Museum Zwolle te zien.
 
Roodbakkende kan uit Joegoslavie
De liefde voor het volkskeramiek ontstond toen Frouke en Herman tijdens de wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog fietstochten maakten rond Amsterdam. Op bouwrijp gemaakte terreinen en op storthopen vonden ze scherven van keramiek. De scherven werden meegenomen, bestudeerd en bewaard. Zo kregen zij een rudimentaire kennis van het Nederlandse aardewerk. Herman Nijhoff (Rijswijk 1927) en Frouke Rombach (Beatenberg 1926) leerden elkaar op het gymnasium kennen. Frouke ging daarna in Groningen biologie studeren, terwijl Herman politicologie studeerde in Amsterdam. Beiden werden leraar, Frouke biologie en Herman geschiedenis.
 
Eind jaren ’50 verhuisden ze naar Eefde. Ook hier ging het scherven verzamelen verder. Maar het duurde niet lang of ze maakten langere reizen en kochten complete stukken. Beiden waren leraar, hadden een goed salaris, een deux-chevaux en tweemaal per jaar een lange vakantie. De meeste voorwerpen zijn dan ook ‘langs de weg’ gekocht op rommelmarkten of in winkels met spulletjes uit grootmoeders tijd.
 
Herman Nijhoff wist zich met beperkte archeologische literatuur een basale kennis eigen te maken over de Nederlandse keramiek. Hij had een goed oog. Op hun vakanties in Duitsland, Frankrijk, Spanje, Portugal, Zuid-Engeland, Griekenland, Oost-Europa en zelfs Noord-Afrika, alles met de deux-chevaux, keken ze uit naar volkskeramiek. Ze hadden daar duidelijke ideeën over. Industriële keramiek kwam de collectie niet in. Faience en porselein verzamelden ze ook niet, majolica wel. Het moest gebruiksporselein zijn, bij mensen op tafel en in de keuken hebben gestaan, dan verzamelden Herman en Frouke Nijhoff het.
 
De tentoonstelling is een eerbetoon aan dit verzamelende echtpaar, waarbij de nadruk ligt op de geografische verschillen en overeenkomsten in dit gebruikskeramiek.



Publicatie:
- de Stentor 2 augustus 2010, 'Boerengoed' in het Stedelijk (door Marion Groenewoud)